Dreigend watertekort: ook Delfland bereidt zich voor

2 juli 2026

De Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW) is sinds gisteren opgeschaald naar het niveau ‘dreigend watertekort’. Dit is het gevolg van de aanhoudende droogte. Daar kwam vorige week een uitzonderlijke hittegolf bovenop. In Delfland is de situatie op dit moment onder controle, maar dat kan snel omslaan.

Op dit moment is de situatie in het gebied Delfland onder controle dankzij de aanvoer van extra zoetwater vanuit het Brielse Meer. Maar de situatie kan snel omslaan. De temperaturen blijven hoog en er wordt weinig tot geen regen voorspeld. Het waterschap is alert en houdt de situatie scherp in de gaten. Daarbij hebben we nu al voorzorgsmaatregelen in werking gesteld om het gebied te beschermen tegen droogteschade.

Hoe ontstaat droogte

Droogte ontstaat wanneer er minder water binnenkomt dan eruit gaat. Er valt weinig regen, terwijl door warm weer juist meer water verdampt uit de bodem, planten en het oppervlaktewater. Tegelijkertijd neemt de vraag naar zoetwater toe, bijvoorbeeld vanuit landbouw, bedrijven en inwoners.

In een versteend gebied als Delfland komt daar nog iets bij. Regenwater kan vaak niet de bodem in zakken en stroomt snel weg via het riool. We hebben dus weinig watervoorraad in de bodem voor droge perioden. Als er langere tijd weinig regen valt, ontstaat er dus al snel een watertekort.

Polder-boezemsysteem van Delfland
Het Delflandse polder-boezemsysteem

Waarom is droogte een uitdaging voor Delfland

Delfland heeft een bijzonder watersysteem, je kunt het vergelijken met een eierdoos. Het is van oudsher erop ingericht om het water uit de polder omhoog te pompen naar de zee. Nu we steeds vaker te maken krijgen met droge periodes, wordt de wateraanvoer steeds belangrijker. We hebben geen grote rivieren door ons gebied stromen. Voor ons zoete water zijn we voornamelijk afhankelijk van het regenwater dat valt en de aanvoer van buiten het gebied.

Daarnaast grenst Delfland aan de Noordzee en de Nieuwe Waterweg. Bij lage rivierafvoeren kan zout zeewater verder landinwaarts komen. Dat noemen we verzilting. Zout water kan gevolgen hebben voor landbouw, natuur en de beschikbaarheid van zoet water.

Ook bestaat een deel van de bodem uit veen. Veen droogt sneller uit tijdens langdurige droge periodes. Daardoor kunnen bodems inklinken en kunnen veendijken scheuren of afglijden.

Niet alleen een probleem van de zomermaanden

Droogte is niet alleen een probleem tijdens een hete zomer. Een groot deel van Delfland is bebouwd en verhard. Regenwater kan daardoor minder goed in de bodem zakken en stroomt vaak snel weg via het riool of het oppervlaktewater. Dat betekent dat we relatief weinig water in de bodem kunnen vasthouden voor droge periodes.

Juist daarom is het belangrijk om regenwater beter vast te houden wanneer het wél regent. Dat vraagt niet alleen iets van het waterschap, maar ook van gemeenten, bedrijven en inwoners. Door minder te verharden, meer groen aan te leggen en regenwater de kans te geven in de bodem te trekken, bouwen we samen aan een natuurlijke waterbuffer die helpt tijdens droge periodes.

Kijk op klimaatkrachtig.nl wat jij kunt doen.


Wat doet Delfland in droge tijden

Onze medewerkers volgen de situatie op de voet en kijken naar de dijken, waterkwaliteit, het waterpeil en meldingen van inwoners. Op basis van die factoren worden maatregelen op of afgeschaald.

Op dit moment;

  • voeren we maximaal zoetwater aan vanuit het Brielse Meer;
  • houden we zout water buiten de deur door onder andere bij de Parksluizen in Rotterdam met zoetwater door te spoelen;
  • staat de Klimaatbestendige Wateraanvoer (KWA) gereed om extra zoet water aan te voeren wanneer dat nodig is;
  • controleren we de waterkwaliteit en monitoren we zwemwaterlocaties op onder andere blauwalgen;
  • inspecteren we droogtegevoelige dijken extra om eventuele schade vroegtijdig te signaleren.