Baggeren met zorg voor de natuur


Bij het onderhouden van sloten houden we rekening met planten en dieren in het water. In onze sloten leven onder andere de beschermde modderkruiper en bittervoorn.

vogel staand met snavel in het water

Werken buiten het broedseizoen

Wij werken als het kan buiten het broedseizoen. En we geven aannemers mee hoe ze het onderhoud moeten uitvoeren. Als er een eend aan de waterkant broedt, moet de aannemer op afstand van het nest blijven. En waterdieren kunnen terug kruipen in het water door het riet uit het water eerst aan de waterkant te laten liggen.

Rekening houden met de natuur

Een deel van het onderhoud aan sloten is in handen van gemeenten en particulieren. Ook jij moet rekening houden met beschermde planten en dieren. Wanneer je als gemeente of particulier werkt volgens de goedgekeurde gedragscode voor waterschappen voldoe je aan de zorgplicht uit de Wet natuurbescherming. Let op de gestelde voorwaarden.

Maatregelen tegen kroos

In ons gebied groeien sloten en vaarten regelmatig dicht met kroos. Het water is bedekt met een dikke laag kleine, groene blaadjes. Dat ziet er niet mooi uit en is ook niet goed voor een gezonde sloot. Waar langere tijd veel kroos voorkomt raakt alles in de sloot uit balans. Er komt geen licht en zuurstof meer in het water. Daardoor kunnen waterplanten en -dieren doodgaan. We nemen maatregelen in overleg met gemeenten. Het is een gezamenlijke taak van het waterschap en gemeenten om het onderhoud aan vaarten en sloten zo goed en efficiënt mogelijk te doen.

Beschermde planten en dieren

In de veldgids staan de beschermde planten- en dierensoorten in jouw omgeving. En hoe je als onderhoudsplichtige hiermee kunt omgaan.

Download de digitale Veldgids

Handreiking voor het baggeren: waterbodemkwaliteitskaart

Delfland heeft  een waterbodemkwaliteitskaart  (WBKK) vastgesteld dat indicatief kan worden gebruikt. Dit is een hulpmiddel voor het baggeren van de sloten en vaarten in Delfland. Met de kaart kan tijd en geld worden bespaard bij baggerwerkzaamheden: minder onderzoekskosten, betere afstemming in de voorbereiding, meer toepassingsmogelijkheden in de regio. Hoe dit werkt, lees je in de handreiking (pdf, 320 kB).