De Small Five van Delfland


Op basis van de 40 icoonsoorten samengesteld door provincie Zuid-Holland heeft Delfland 5 belangrijke icoonsoorten benoemd voor ons gebied. Deze soorten noemen we de small five van Delfland.

Aan de small five kunnen we meten of het goed gaat met de biodiversiteit. De small five van Delfland zijn:

  • De grutto;
  • De weidehommel;
  • De glassnijder;
  • De rugstreeppad;
  • De bittervoorn.

Als de dieren in de small five veel voorkomen in ons gebied dan gaat het goed met de biodiversiteit in ons gebied. De afgelopen maanden hebben we steeds één van de small five uitgelicht in een filmpje met daarin hoogheemraad Marcel Belt en één van onze partners/collega's. Het filmpje van de bittervoorn introduceren we de komende maanden.

Grutto

De grutto is een icoonsoort van de Nederlandse boerenlandvogels bij uitstek en (daarmee) het boegbeeld voor biodiversiteitsherstel. Grutto’s zoeken voedsel in ondiepe plassen en plas-dras weilanden en broeden in vochtig, kruidenrijk grasland met een goed bodemleven en volop insecten aan de oppervlakte. Midden-Delfland en de Ackerdijkse plassen zijn geliefde grutto-plekken in ons beheergebied. Het aantal grutto-broedparen in ons land is in de afgelopen eeuw flink afgenomen. Grutto’s stellen onze inspanningen voor schoon water (en dus insecten om te eten) op prijs, evenals een hoge waterstand in het voorjaar.

In dit filmpje vertellen hoogheemraad Marcel Belt en Anneklaar Wijnants van Natuurmonumenten meer over de grutto.

Weidehommel

Samen met andere hommels, zweefvliegen en bijen is de weidehommel onmisbaar voor bestuiving en - daarom alleen al - een soort om te koesteren. Leeft in open landschappen, langs bosranden, in graslanden en in tuinen. In de stad profiteert de hommel van vergroening. Delfland kan deze bescheiden bestuiver helpen met bloem- en kruidenrijke dijken en terreinen en met klimaatadaptieve maatregelen in de stad.

In dit filmpje vertellen hoogheemraad Marcel Belt en beleidsadviseur waterkwaliteit en ecologie Ronald Bakkum meer over de weidehommel.

Glassnijder

De glassnijder is een vrij kleine libel die in Zuid-Holland algemeen voorkomt in schone, heldere wateren met een goed ontwikkelde oevervegetatie. Zijn leefgebied kenmerkt zich door voldoende waterkwaliteit, rijkelijk begroeide natuurvriendelijke oevers en veel onderwaterplanten door niet te intensief beheer. De glassnijder leeft vooral langs oevers en heeft zowel ondergedoken, drijvend als boven water uitgroeiende vegetatie nodig; het liefst in een natuurlijk patroon met niet al te netjes afgebakende randen. Hij is daarmee typisch het symbool voor onze inspanningen voor een natuurlijk watersysteem.

In dit filmpje vertellen hoogheemraad Marcel Belt en Geert van Poelgeest van Natuurlijk Delfland meer over de glassnijder.

Rugstreeppad

De rugstreeppad is een middelgrote lichtbruine pad met een kenmerkende gele streep op zijn rug. Hij kent in Nederland drie belangrijke verspreidingskernen: de duinen, het rivierengebied en polders in West-Nederland en de Noordoostpolder. Voor de voortplanting is de rugstreeppad afhankelijk van ondiepe wateren, die vrij snel opwarmen. De rugstreeppad staat op de rode lijst en wordt aangemerkt als ‘gevoelig’. Hij heeft baat bij onze inspanningen voor gezonde, dynamische duinen met schoon duinwater.

In dit filmpje vertellen hoogheemraad Marcel Belt en Sandra Minnesma van Zuid-Holland Landschap meer over de rugstreeppad.

Bittervoorn

De bittervoorn is karperachtige zoetwatervis die voorkomt in stilstaand of langzaam stromend water (sloten, plassen, vijvers) met een goed ontwikkelde onderwatervegetatie. Bittervoornvrouwtjes leggen hun eitjes in zoetwatermosselen. De mosselen bieden de vissenlarven bescherming, en benutten op hun beurt de vissen voor de verspreiding van de eigen larven. Met zijn afhankelijkheid van zoetwatermosselen vraagt de bittervoorn zorgvuldig beheer: zodanig baggeren en maaien dat bodem en planten voldoende ontzien worden. De bittervoorn is voor Delfland een doelsoort voor zoet-zoet migratie. Hij kan profiteren van plantenrijk water en een goede verbinding tussen plantenrijke gebieden. Dat past uitstekend in onze doelen om meer onderwaterplanten te krijgen en in het realiseren van onze netwerkvisie voor waternatuur.