Amerikaanse rivierkreeften
Delfland werkt hard aan schoon en gezond water voor de waterkwaliteit, biodiversiteit en de leefomgeving. Maar door de grote aanwezigheid van de Amerikaanse rivierkreeften in ons gebied staat dit onder druk. Deze uitheemse rivierkreeften verstoren het evenwicht van het watersysteem. Ze graven gaten in dijken en oevers, ze woelen de bodem om waardoor het water troebel wordt en ze knippen waterplanten weg. Het gevolg: de ecologische waterkwaliteit holt achteruit en de biodiversiteit neemt af. Om onze natte ecologische zones te beschermen gaat Delfland een aanbesteding uitrollen om in 2027 Amerikaanse rivierkreeften grootschalig terug te dringen.
Vragen en antwoorden over de 10 start locaties
Berkhout Schipluiden is de aannemer aan wie de aanbesteding is gegund en daarmee de partij die aan de slag gaat. Zij werken hierbij samen met twee beroepsvissers, namelijk Visserij Service Nederland en Visserijbedrijf W.J. Den Boer. Crawfish Farm Holland BV is de partij die zorgt dat gevangen uitheemse rivierkreeften een nuttige bestemming krijgen door de meeste kreeften te verwerken voor menselijke consumptie.
De vangmiddelen blijven voor een periode van3 maanden in het water staan. En worden 1 keer per week geleegd. Wanneer de watertemperatuur tussen 12:00 en 14:00 uur hoger dan 20 graden Celsius is, dan wordt er minimaal twee keer per week gelegd. Wanneer de watertemperatuur stijgt kunnen dieren minder lang overleven wanneer ze vastzitten. Door op dat moment vaker te legen, verkleinen we de kans op ongewenste bijvangst en sterfte van dieren in de vangmiddelen.
We weten dat het verminderen van de kreeftendichtheid de vraatdruk op waterplanten verlaagt. Dat is wetenschappelijk aangetoond. Tegelijkertijd monitoren we de effecten op de chemische en ecologische waterkwaliteit op de tien startlocaties, zodat we onze aanpak verder kunnen onderbouwen en verbeteren.
De vangmiddelen zijn van specifiek aangepast voor kreeftenvisserij. Zo wordt gebruik gemaakt van stevig materiaal zodat de kreeften deze niet kapot kunnen knippen en de vangmiddelen veelvuldig kunnen worden ingezet bij goed onderhoud. Daarnaast zijn de vangmiddelen zodanig aangepast dat bijvangst van vissen, vogels en zoogdieren zoveel als mogelijk wordt voorkomen.
We verwachten de eerste indicaties van de monitoring na het eerste groeiseizoen, dus najaar 2026. In 2027 presenteren we de eerste evaluatie voorafgaand aan de grote opschaling.
Voordat er gestart wordt met de werkzaamheden wordt er eerst gekeken of er op dat moment broedende vogels zitten. Wanneer er nesten worden gevonden, worden de vangmiddelen rondom het nest voorzichtig verwijderd. Zo hoeven we daar niet meer te komen en kunnen de vogels rustig broeden. Degene die de vangmiddelen plaatst en leegt zijn in het bezit van de juiste certificaten om dit naar behoren te mogen en kunnen doen. We werken in het broedseizoen, omdat dit ook het seizoen is waarbij de Amerikaanse rivierkreeft weer actief wordt na de winter en de voortplanting van de rivierkreeften ook op gang komt. We kunnen in deze periode op de meest efficiënte wijze de populatie Amerikaanse rivierkreeft in deze gebieden verlagen.
Op de locaties is op borden aangegeven dat er vangmiddelen staan en dat zwemmen (ook voor honden) niet is toegestaan.
Vragen en antwoorden over de aanbesteding
Het grootschalig terugdringen van Amerikaanse rivierkreeften op 170 locaties met in totaal 59 kilometer oever is een grote klus met vele duizenden vangmiddelen die wekelijks gelicht moeten worden. Mogelijk zullen ook alternatieve methoden kunnen bijdragen aan het terugdringen van de Amerikaanse rivierkreeften.
In de loop van 2026 zal Delfland een aanbesteding starten voor de uitrol naar 170 locaties in 2027. Deze zal dan op TenderNed worden gepubliceerd.
Dat klinkt als veel, en dat is het ook. Maar dit is de werkelijkheid van de kreeftenproblematiek. En dan hebben we het nog alleen over de bescherming. De kosten voor herstel van aangetaste dijken en oevers komen daar nog bovenop. Daarom is dit een landelijk probleem dat ook landelijk gefinancierd moet worden.
Wat gaat Delfland doen om natte ecologische zones te beschermen tegen de Amerikaanse rivierkreeften?
Delfland start in het voorjaar van 2026 bij 10 natte ecologische zones met het terugdringen van Amerikaanse rivierkreeften om de waternatuur te beschermen. Het effect op de waterkwaliteit wordt dan gemeten. In 2027 gaat Delfland deze aanpak grootschalig uitrollen naar 170 locaties met in totaal 59 kilometer oever via een aanbesteding.
Algemene vragen en antwoorden over Amerikaanse rivierkreeften
Het grootschalig terugdringen van Amerikaanse rivierkreeften in 2027 is uitsluitend voorbehouden aan gecertificeerde bedrijven die werken volgens vastgestelde en controleerbare afspraken. Vanwege de snelle voortplanting van deze exoten is het belangrijk dat de werkzaamheden aantoonbaar volgens vastgestelde eisen worden uitgevoerd.
Het Hoogheemraadschap van Rijnland heeft in een pilot met natuurvriendelijke oevers goede resultaten laten zien in het terugdringen van kreeften. Delfland onderschrijft dat dit een waardevolle maatregel is. Tegelijkertijd is het belangrijk om te benoemen dat de pilot in Leiden tot nu toe een uitzonderlijke situatie betreft: het is vooralsnog de enige plek waar zulke opvallende resultaten zijn bereikt met uitsluitend de aanleg van een natuurvriendelijke oever.
Binnen het gebied van Delfland zien we dat het natuurlijk inrichten van oevers kan helpen om kreeftendichtheden te beïnvloeden, maar dat dit in onze situatie alleen effectief is in combinatie met gericht wegvangen. Dat beeld sluit aan bij de conclusies van STOWA en de Unie van Waterschappen. Natuurvriendelijke oevers zijn in het grootste deel van het beheergebied van Delfland niet toepasbaar: ze vragen ruimte, die is schaars in Nederland, zeker in een dichtbevolkt en intensief gebruikt gebied als Delfland.
Herstel van dijken en oevers die door de Amerikaanse rivierkreeften zijn beschadigd, valt niet onder de verantwoordelijkheid van Delfland. Volgens de Exotenverordening is dit een landelijke taak. Delfland vraagt het ministerie van LVVN om deze verantwoordelijkheid op zich te nemen.