Droogte: vragen en antwoorden
Zoeken in de index
De tijdelijke opheffing geldt voor gebruikers in categorie 3 en 4 van de landelijke verdringingsreeks.
In categorie 3 vallen onder andere:
- glastuinbouw;
- bedrijven die water gebruiken voor hun productieproces;
- jonge bomen en planten die gemeenten hebben aangeplant.
In categorie 4 vallen onder andere:
- recreatieterreinen;
- sportvelden;
- golfbanen;
- volkstuinen;
- inwoners.
De tijdelijke opheffing gaat in op zaterdag 22 augustus om 00.00 uur en duurt tot en met woensdag 26 augustus om 23.59 uur.
In deze periode mogen gebruikers in categorie 3 en 4 de hele dag oppervlaktewater gebruiken.
Gebruikers in categorie 3 en 4 mogen tijdens deze periode weer oppervlaktewater gebruiken.
Dat geldt bijvoorbeeld voor de glastuinbouw, landbouw, industrie, gemeenten, sportvelden, volkstuinen en inwoners.
Voor de beroepsvaart en recreatievaart verandert er niets. Het schutverbod blijft gelden. Dit betekent dat de Parksluizen in Rotterdam, de Buitensluis in Schiedam, de Monstersche sluis in Maassluis en de Vlaardinger Driesluizen in Vlaardingen gesloten blijven voor de beroeps- en recreatievaart. Zo voorkomen we verdere indringing van zoutwater in ons gebied.
Het hoogheemraadschap kan het onttrekkingsverbod voor oppervlaktewater tijdelijk opheffen omdat de waterpeilen in het beheergebied op orde zijn. Ook zijn de strategische waterbuffers voldoende gevuld en hebben de eerder genomen maatregelen effect gehad. Hierdoor kan Delfland ook bij onttrekkingen voldoende water in sloten, vaarten en grachten houden om kades en dijken nat en stabiel te houden. Ook de weersverwachting voor de komende dagen is gunstig: er wordt neerslag verwacht, de temperaturen zijn lager en daardoor neemt de verdamping af. Dit vermindert de watervraag en de druk op het watersysteem.
Nee. De situatie blijft kwetsbaar.
De Rijn voert nog steeds weinig water aan en het tekort aan neerslag is nog groot.
De afgelopen periode heeft zich veel zoutwater opgehoopt in het watersysteem, met name bij de Parksluizen in Rotterdam. Het wegspoelen van dat zout vraagt om grote hoeveelheden zoetwater en dat is nog altijd schaars. Delfland wil voorkomen dat zout water verder ons gebied in komt.
Daarom blijft Delfland de situatie iedere dag volgen.
Als schepen door een sluis varen, kan zout water verder het gebied in komen.
De afgelopen tijd is veel zout water het gebied binnengekomen, vooral via de Parksluizen in Rotterdam. Om dit weg te spoelen is veel zoet water nodig. Dat zoete water is nog steeds schaars.
Daarom blijven de Parksluizen in Rotterdam, de Buitensluis in Schiedam, de Monstersche sluis in Maassluis en de Vlaardinger Driesluizen in Vlaardingen gesloten voor de beroepsvaart en recreatievaart.
Voor de beroepsvaart en recreatievaart blijven de Parksluizen in Rotterdam gesloten.
Voor de recreatievaart blijven ook gesloten:
- de Buitensluis in Schiedam;
- de Monstersche Sluis in Maassluis;
- de Vlaardinger Driesluizen in Vlaardingen.
Door het effect van de genomen maatregelen, de huidige waterstanden en de goed gevulde buffers is er nu tijdelijk ruimte om het verbod op te heffen. Daardoor blijft er ook bij watergebruik genoeg water in sloten, vaarten en grachten om kades en dijken nat en stabiel te houden.
Daarnaast zijn de weersverwachtingen gunstiger. Er wordt regen verwacht, de temperaturen zijn lager en er verdampt minder water. Hierdoor neemt de vraag naar water af en komt er tijdelijk meer ruimte in het watersysteem. Daarom kan Delfland het onttrekkingsverbod nu tijdelijk opheffen.
Ja. Delfland houdt de situatie voortdurend in de gaten. Als het weer of de waterbeschikbaarheid verandert, kunnen de maatregelen weer worden aangepast.
Voldoende water in sloten, grachten en vaarten blijft nodig om te voorkomen dat dijken en kades uitdrogen.
Van zaterdag 22 augustus 00.00 uur tot en met woensdag 26 augustus 23.59 uur mogen inwoners weer oppervlaktewater gebruiken, bijvoorbeeld om hun tuin te besproeien.
Ga wel zuinig om met water, want de droogte is nog niet voorbij.
De tijdelijke opheffing van het verbod geldt tot en met woensdag 26 augustus om 23.59 uur.
Delfland bekijkt iedere dag hoe de situatie zich ontwikkelt. Op basis daarvan wordt besloten welke maatregelen daarna nodig zijn.
Delfland heeft besloten het onttrekkingsverbod tijdelijk te versoepelen omdat de waterpeilen in het gebied op orde zijn, de strategische waterbuffers voldoende gevuld zijn en de eerder genomen maatregelen effect hebben gehad. Daardoor is er tijdelijk ruimte om oppervlaktewater te gebruiken.
De droogte is echter nog niet voorbij. De Rijn voert nog steeds historisch weinig water aan, het neerslagtekort is groot en de situatie blijft kwetsbaar. Daarom volgt Delfland de ontwikkelingen dagelijks en blijft het schutverbod voor de beroeps- en recreatievaart van kracht.
Als de omstandigheden veranderen en de beschikbaarheid van zoetwater afneemt, kan Delfland de maatregelen opnieuw aanpassen of aanscherpen. Het beschermen van dijken, kades, natuur en het watersysteem blijft daarbij altijd voorop staan.
De afgelopen periode heeft Delfland verschillende maatregelen genomen om het gebruik van zoetwater zoveel mogelijk te verminderen. Zo zijn belangrijke sluizen langs de Nieuwe Maas gesloten en is het onttrekken van oppervlaktewater verboden. Deze maatregelen waren nodig om risico’s voor dijken, natuur en het watersysteem te beperken.
Deze maatregelen hebben effect gehad. Door samen te werken met andere waterschappen en Rijkswaterstaat is er een stabiele aanvoer van zoet water vanuit het Brielse Meer en de Klimaatbestendige Wateraanvoer (KWA). De KWA is een aanvoerroute die in droge perioden helpt om extra zoetwater naar West-Nederland te brengen. De weersverwachtingen zijn gunstig: het wordt minder heet en er wordt regen verwacht. Hierdoor verdampt er minder water en is er meer water beschikbaar.
Hierdoor is het mogelijk dat er voor drie avonden beperkte ruimte is voor proceswater voor de industrie, kapitaalintensieve teelten zoals glastuinbouw en jonge aanplant van gemeenten.
We kijken voortdurend of er, binnen de grenzen van een veilig watersysteem, ruimte is om de impact van deze maatregelen te beperken.
Omdat Delfland een voorraad zoetwater wil aanleggen voor een periode waarin de aanvoer van zoetwater nog verder onder druk komt te staan. Met deze reserve kan het hoogheemraadschap in dat geval nog enige tijd het waterpeil in sloten en vaarten op niveau houden en uitdroging van dijken voorkomen.
Het zoetwater komt uit het Brielse Meer en het Amsterdam-Rijnkanaal. Zolang deze aanvoer beschikbaar is, kan Delfland een voorraad opbouwen.
Er is inderdaad een tekort aan zoetwater. Tegelijkertijd kan er op dit moment nog zoetwater worden aangevoerd via het Brielse Meer en het Amsterdam-Rijnkanaal. Delfland gebruikt een deel van die aanvoer om nu een voorraad aan te leggen. Die reserve kan worden ingezet als de aanvoer later onder druk komt te staan.
De Wollebrand wordt gevuld met 225.000 kubieke meter zoetwater. Mogelijk wordt ook de Bergboezem Berkel gevuld. Daar kan in totaal 1,2 miljoen kubieke meter zoetwater worden opgeslagen.
Dan kan Delfland het water dat is opgeslagen in de waterbergingen gebruiken om het watersysteem langer op peil te houden. Dit helpt ook om uitdroging van dijken te voorkomen. Wanneer de situatie nog verder verslechtert, moet Delfland wellicht nog meer maatregelen nemen.
Het gebruik van oppervlaktewater voor aquathermie is nog steeds wel toegestaan. Op voorwaarde dat het water dat wordt onttrokken ook weer wordt geloosd binnen hetzelfde peilgebied. Zo wordt een peilverlaging in het watersysteem voorkomen.
Dat verschilt per maatregel. Maatregelen die Delfland neemt voor het watersysteem, zoals monitoring, peilbeheer, aanvoerbeheer, waterberging of investeringen in het watersysteem, worden door Delfland betaald, uit belastinginkomsten. Grotere regionale of landelijke maatregelen kunnen deels via programma’s zoals het Deltaprogramma Zoetwater lopen, waarin Rijk, regio en waterbeheerders samenwerken.
Delfland kan niet de garantie geven dat er altijd genoeg water is. Daarom ligt er ook een verantwoordelijkheid bij gebruikers zelf om zich voor te bereiden op droge perioden, bijvoorbeeld door zuiniger watergebruik, eigen opslag, alternatieve bronnen of aanpassing van bedrijfsvoering.
Datacenters worden vaak genoemd omdat ze bekendstaan om hun water- en energieverbruik. Dat is begrijpelijk in een periode waarin inwoners wordt gevraagd zuinig met water om te gaan.
In het gebied van Delfland zijn momenteel geen datacenters die oppervlaktewater gebruiken. Datacenters die ergens anders staan, gebruiken in sommige gevallen drinkwater voor koeling. Dat heeft geen invloed op de aanvoer van zoetwater naar Delfland via het Brielse Meer of de Klimaatbestendige Wateraanvoer.
Mocht er in de toekomst een aanvraag komen om oppervlaktewater te gebruiken, dan beoordeelt Delfland die kritisch.
Delfland heeft veel water, maar zoetwater is niet onbeperkt beschikbaar. Door weinig regen, warmte en verdamping neemt de hoeveelheid bruikbaar zoetwater af. Ook kan er meer zoutwater het gebied binnenkomen. Daardoor komt de beschikbaarheid van zoetwater voor natuur, landbouw en andere belangrijke functies onder druk te staan.
Droogte zelf kan Delfland niet voorkomen. Het weer en de rivierafvoer bepalen voor een groot deel hoeveel zoetwater er is. Delfland kan wel de gevolgen beperken. Dat gebeurt door:
- waterpeilen, waterkwaliteit, dijken en zoutgehalten nauwlettend te volgen;
- zoetwater aan te voeren vanuit het Brielse Meer en via de Klimaatbestendige Wateraanvoer;
- water langer vast te houden;
- polders waar mogelijk in een droogtescenario te zetten;
- schutbeperkingen of onttrekkingsverboden in te stellen, volgens de landelijk vastgesteld rangorde bij waterschaarste, als het beschikbare zoetwater niet meer voldoende is.
Dat doen we al. Tijdens droge periodes houdt Delfland zoveel mogelijk zoetwater vast in sloten, vaarten, kanalen, polders en waterbergingen. Ook verhogen we waar mogelijk tijdelijk het waterpeil.
Maar we kunnen niet onbeperkt water opslaan. Ons gebied is dichtbebouwd en het watersysteem moet ook ruimte houden om hevige regen op te vangen.
Daarnaast valt de meeste regen in de herfst en winter, terwijl de vraag naar water juist in droge zomers het grootst is. Daarom is het niet mogelijk om al het water voor lange tijd te bewaren.
Wanneer er meer vraag naar water is dan dat er aanbod is, is er een watertekort. Dit betekent dat het beschikbare water moeten worden verdeeld, omdat er niet meer vanzelfsprekend genoeg is voor iedereen. Over die verdeling bij een watertekort zijn afspraken gemaakt in een verdringingsreeks. In deze verdringingsreeks is afgesproken welke doelen (bestemmingen voor het water) voorrang krijgen op anderen. Die vind je hier: Verdeling water bij droogte
Ja. Tijdens langdurige droogte zet Delfland de polders in een zogenoemd droogtescenario. Daarbij verhogen we de waterpeilen waar dat kan om meer water vast te houden en het watersysteem zo goed mogelijk te beschermen. Hoeveel het waterpeil wordt verhoogd, verschilt per polder. Afhankelijk van de situatie gaat het om een peilverhoging van 0 tot maximaal 5 centimeter. In stedelijke polders is een verhoging van 5 centimeter vaak mogelijk. In agrarische polders is dit vaak lager.
Tijdens droogte komt er minder zoetwater via de rivieren ons gebied binnen. Daardoor kan zoutwater vanuit zee verder landinwaarts komen. Ook komt bij het openen van de sluizen zoutwater Delfland binnen, bijvoorbeeld bij de Parksluizen.
Te zout water is ongeschikt voor landbouw, natuur en een goede waterkwaliteit. Daarom spoelt Delfland zoutwater weg met zoetwater. Dat zorgt voor extra druk op de voorraad zoetwater: er is minder beschikbaar, terwijl er juist meer nodig is om het water zoet genoeg te houden.
Het is moeilijk te voorspellen hoe lang deze situatie gaat duren. Dat hangt af van de rivierafvoeren van de Rijn en de Maas, en dus van de neerslag die in Duitsland en Zwitserland valt. Met de huidige stand van de voorspellingen kunnen wij ongeveer twee weken vooruitkijken maar niet verder.
Dat bepaalt Het hoogheemraadschap van Delfland in zijn bevoegdheid als waterbeheerder onder andere op basis van de landelijke verdringingsreeks. Delfland bepaalt ook of een schutbeperking ingetrokken wordt. Dat hangt van de verziltings- en weerssituatie af.
De sluizen zijn dicht omdat de rivierafvoeren laag zijn en er veel zoutwater vanuit de Noordzee de Nieuwe Maas op trekt. Regen in alleen Nederland verhoogd de rivierafvoer onvoldoende. Wat wel helpt is als er ook regen in Duitsland en Zwitserland valt. Na een droge periode is het helaas wel zo dat veel van de gevallen neerslag niet tot afstroming komt, maar door de bodem als een spons wordt opgeslokt. Daarom is langdurig neerslag nodig om de situatie te verbeteren.
Op dit moment zijn alle sluizen aan de Nieuwe Maas voor beroeps- en recreatievaart in het gebied van Delfland dicht. Dit gaat om de volgende sluizen: De Parksluizen in Rotterdam, de Buitensluis in Schiedam, de Monstersche sluis in Maassluis en de Vlaardinger Driesluizen in Vlaardingen.
We doen dit vanwege de uitzonderlijke droogte waarmee wij te maken hebben. Door de sluizen gesloten te houden, blijft dit water langer beschikbaar in het gebied.
Ga je met de boot op vakantie? Houd er dan rekening mee dat de maatregelen kunnen veranderen tijdens je reis. Controleer daarom altijd de actuele informatie op vaarweginformatie.nl of op de website van de vaarwegbeheerder.
Met zoetwater bedoelen we het oppervlaktewater in sloten, vaarten, meren en rivieren. Dit is wat anders dan kraanwater. Drinkwaterbedrijven beheren het kraanwater en waterschappen het oppervlaktewater.
Op www.zwemwater.nl vind je actuele informatie over de waterkwaliteit van alle officiële zwemwaterlocaties.Delfland controleert de kwaliteit van het oppervlaktewater in de zwemplassen en geeft de bevindingen door aan de Provincie. Zij geven aan of je er veilig kunt zwemmen.
Belangrijk: het schutverbod voor de scheepvaart blijft gelden.
Van zaterdag 22 augustus 00.00 uur tot en met woensdag 26 augustus 23.59 uur mogen gebruikers uit categorie 3 en 4 tijdelijk weer water uit sloten, vaarten en andere oppervlaktewateren gebruiken. Het schutverbod voor de scheepvaart blijft gelden.