Onderzoek naar vissen

Kinderen kijken naar vissen in een glazen bak

We doen van alles om de vis te helpen. Maar zijn dat de juiste dingen? En doen die dingen waarvoor ze bedacht zijn? Om dat te weten, voeren we onderzoek uit.

We kijken hoeveel vissen er in het water aanwezig zijn, welke soort het is en hoe lang de vis is. Zo'n onderzoek noemen we een visstandonderzoek. Zo'n visstandonderzoek zegt iets over de kwaliteit van het water. Vissen zijn belangrijke dieren voor de waterkwaliteit. Dat doen we iedere keer op een andere plek, meestal in het najaar.

Ook bekijken we of vissen ook echt over de dijk of door het gemaal zwemmen. Dan onderzoeken we de vissentrek. Deze onderzoeken doen we in het voorjaar en najaar. Dit onderzoek vindt plaats in de avond. In de avond zijn de vissen namelijk het actiefst. Als er onderzoek plaatsvindt naar de vissentrek, liggen er enkele weken fuiken in het water dichtbij een vispassage of gemaal. De fuiken worden een paar keer per week bekeken en leeggemaakt, vaak overdag. Meestal doet een beroepsvisser dit. De visser noteert wat hij gevangen heeft. Daarna zet hij de vissen terug in het water.

Er is al op meerdere plekken glasaal (babypaling) en schieraal (volwassen paling) gezien. Een goed teken!


Vraag: Wat is 10 + 4 ?
Je antwoord: